Infrastructuur

Risicoanalyse objecten van viaducten (met pdf)

woensdag 26 april 2006

Gepubliceerd in Bouwdienst Magazine 

pdf Bekijkdeze publicatie  606.97 Kb

Nederland heeft in toennemende mate te maken met jongeren die stenen en andere voorwerpen gooien vanaf viaducten. Hun baldadige gedrag leidde begin dit jaar zelfs tot een dodelijk ongeval op de Rijksweg A4.

Het vreselijke incident was aanleiding voor Rijkswaterstaat om een risicoanalyse te starten. De Bouwdienst onderzocht in nauwe samenwerking met de Adviesdienst Verkeer en Vervoer (AVV) hoe het probleem kan worden aangepakt en wat dat kost. 

Begin dit jaar werd Nederland opgeschrikt door een incident waarbij een 30-jarige vrouw uit Uden om het leven kwam, nadat ze een stoeptegel door haar autoruit kreeg. Het incident vond plaats in de nacht van zondag 9 januari op maandag 10 januari op de A4 bij Rijswijk. De steen was door jongeren vanaf het viaduct Hoekpolder gegooid en kwam terecht op de rijdende auto. De tegel brak door de voorruit en kwam terecht op het hoofd van het slachtoffer. De vrouw overleed kort daarna aan haar verwondingen in het ziekenhuis.   

Het dodelijke ongeval op de A4 was aanleiding voor een risicoanalyse. De Bouwdienst heeft in opdracht van Minister Peijs onderzocht welke maatregelen getroffen kunnen worden tegen stenengooien en wat dat kost. De resultaten kwamen tot stand aan de hand van vragenlijsten die werden voorgelegd aan districtshoofden van Rijkswaterstaat. Tevens is door de Adviesdienst Verkeer en Vervoer (AVV) onderzoek gedaan naar de aard en de omvang van het probleem, gedrag en daderprofielen. Daarbij is informatie opgevraagd bij diverse instanties zoals het (Korps) KLPD, de Politie Zeist, ProRail en Gedragswetenschappers.

Kattenkwaad

“Het nieuwe aan het incident bij Rijswijk, was dat het zo heftig was,” zegt risicoanalist Sipke van Manen van de Bouwdienst. “Jongeren gooien al langer uit kattenkwaaad voorwerpen vanaf viaducten. Maar dit keer kwam daarbij iemand om het leven. Ook in het buitenland gebeuren ongelukken met stenengooien. In de Verenigde Staten noemden een groep jongeren zich in 2003 The bridge killing crew nadat zij een automobiliste hadden gedood met een betonblok. In Italië saboteerden jongeren een tijdlang het verkeer door stenen van viaducten te gooien.

Na het vreselijke ongeval bij Rijswijk vonden nog tien gevaarlijke incidenten plaats. Zo hield de politie in Zwolle in oktober drie jongetjes aan die stenen hadden gegooid naar het verkeer op de A 28. Een 38-jarige automobiliste uit Sellingen kreeg daarbij een steen op haar autodak. Een week eerder gooide een onbekende een steen vanaf een viaduct over de A58 in Eindhoven. Het projectiel vernielde de vooruit van een passerende auto. Eerder dit jaar raakte een 36-jarige man uit Brunssum gewond door een stoeptegel die van het Kelper-viaduct over de A2 werd gegooid. De vooruit van zijn auto werd met een klap naar binnen gedrukt. 

“Het stenengooien vanaf viaducten grijpt mensen enorm aan,” zegt socioloog Martijn Flinterman van de Bouwdienst. “Dergelijk vandalisme wordt gezien als een zeer groot onrecht en zorgt voor maatschappelijke onrust. Automobilisten worden er onvrijwillig bij betrokken. Ze worden het slachtoffer van een kwaadwillige intentie. Iedereen is wel eens in een auto onder een viaduct doorgereden. Elke automobilist kan zich met het slachtoffer identificeren. Het is heel belangrijk dat Rijkswaterstaat rekening houdt met de emotionele beleving bij dit soort incidenten.”

Frustraties

Daders zijn vaak jongens tussen de twaalf en twintig jaar die stoer doen. “Het stenengooien  komt voort uit baldadig groepsgedrag,” vervolgt Flinterman. “De jongens handelen vaak impulsief al dan niet onder invloed van alcohol of drugs. Maar frustraties spelen eveneens een rol. Slechte schoolprestaties of een beroerde gezinssituatie maken dat zij langer op straat rondhangen. Jongeren gaan uit verveling op zoek naar een kick. Vandalisme begint meestal als spel dat vervolgens escaleert omdat de jongens elkaar willen overtreffen.”

De stenengooiers gebruiken letterlijk alles wat los en vast zit. Ze gooien met trottoirtegels, zwerfkeien en zware graspollen, zo blijkt uit de risicoanalyse. Ook fietsen, putdeksels en vuilcontainers worden naar de voorbijrijdende voertuigen gegooid. Zelfs vaten met afgewerkte olie, ijzeren roosters en piketpaaltjes belanden op het wegdek. De jongeren slaan meestal toe aan het eind van de middag als ze uit school komen of tegen tien uur ‘s avonds als ze naar de kroeg gaan.

Slachtoffers

Het aantal incidenten is duidelijk toegenomen in de laatste periode. “Weggebruikers maken eerder melding van gevaarlijke situaties bij viaducten,” zegt Van Manen. “Het aantal incidenten wordt tevens beter geregistreerd. Daar komt bij dat jongeren elkaar na-apen als ze over stenengooiers horen in het nieuws. Dat is ook gebeurd bij het dodelijke ongeval op de A4. Na dit incident zijn in diverse steden voor het eerst stenengooiers gesignaleerd. Het is daarom belangrijk om niet teveel aandacht aan dit fenomeen te schenken in de media.”

De kans op een dodelijke afloop is echter niet groot. In Nederland vinden relatief weinig incidenten plaats met stenengooien. In de afgelopen tien jaar zijn circa 45 meldingen geregistreerd, waarvan nu dus één met dodelijke afloop. Ter vergelijking: vorig jaar zijn 900 dodelijke slachtoffers gevallen bij verkeersongelukken. Daarnaast hebben maatregelen zoals het vastlasssen van putdeksels en het aanbrengen van een slijtlaag over klinkerbestratingen de kans op ongelukken verkleind. Ook vinden regelmatig inspecties paats en moeten aannemers stenen en materiaal verwijderen.

Intuïtie

Nederland telt in totaal 1000 viaducten over Rijkswegen. Driehonderd van deze viaducten hebben een verhoogd risico en worden extra beveiligd. Flinterman: “Er worden maatregelen getroffen op viaducten waar vaker incidenten plaatsvinden. Viaducten over belangrijke transportroutes met gevaarlijke stoffen en rond grote steden worden eveneens aangepakt. We hebben bij de inventarisatie van de gevaarlijkste viaducten onze intuïtie mee laten spreken. Een viaduct op het platteland is in het algemeen minder gevaarlijk dan op de A4.”

Om de viaducten veiliger te maken kunnen verschillende maatregelen worden getroffen.  “Hekken, camera’s, verlichting en het verwijderen van rondslingerend materiaal verkleinen de kans op ongelukken als de daders impulsief handelen,” zegt Van Manen. “Toezicht, surveillance en strenger straffen helpt beter tegen stenengooiers die handelen met voorbedachte rade. Lespakketten maken jongeren bewust van de consequenties van hun gedrag. Informatiepanelen boven de weg moedigen weggebruikers aan om melding te maken van stenengooiers via de informatietelefoon (0800-8002).”      

Het is onmogelijk het hele land vol te zetten met hekken. De hekken komen alleen te staan op de gevaarlijkste viaducten. Voordat de hekken geplaatst worden moeten ze eerst aan diverse eisen voldoen. Van Manen: “De hekken moeten hoog zijn, onderhoudsvrij en qua uiterlijk bij de omgeving en het viaduct passen. Dit is nodig om problemen met vergunningen te vermijden. Er is een speciale serie hekken ontworpen door het atelier Rijksbouwmeester van VROM. De ontwerpers zijn nu bezig met de uitwerking. De eerste noodhekken zijn geplaatst bij Dordrecht en Rijswijk.”

Camera’s

Rijkswaterstaat onderzoekt op dit moment of het mogelijk is camera’s in te zetten tegen stenengooien. Het testcentrum voor verkeerssystemen van AVV is samen met de Bouwdienst in september een proef gestart met 34 camera’s. De test vindt plaats op de A12, de A1, de A27 en de Vleutensebrug over het Amsterdam-Rijnkanaal. De camera’s worden gekoppeld aan slimme software om verdacht gedrag te detecteren. In een later stadium worden ook de mogelijkheden om in te grijpen onderzocht. Daarnaast kijkt Rijkswaterstaat wat eventuele invoering van het systeem kost. De minister neemt eind dit jaar een besluit over een vervolg op basis van de resultaten.

“We testen verschillende scenario’s uit om gedrag te classificeren,” zegt Flinterman. “Van heen- en -weer lopen tot stilstaan en nerveus rondkijken: de slimme camera moet dit soort verdachte gedragingen van groepjes mensen registreren en de verkeerscentrale waarschuwen. Op dit moment onderzoeken we welke camera’s op de markt zijn. We hebben reeds vijf partijen geselecteerd die het beste scoren op de functionele eisen van ons systeem. Zij mogen hun systeem afstemmen op ons classificatiesysteem. De vijf kunnen daarbij samenwerken en hun kennis bundelen.”

Daden

Tijdens het onderzoek is onderzocht of de maatregelen kostenefficiënt zijn. Van Manen: “De risico’s worden voor een acceptabel bedrag verlaagd op de gevaarlijkste viaducten. Het is te duur om structureel politiesurveillance of reinigingsdiensten in te zetten. Ook een publiekscampagne lijkt niet opportuun. Het verwijderen van losliggend materiaal kan op alle risicoviaducten uitgevoerd worden. Hekken plaatsen is effectief, maar wel kostbaar. Het aanbrengen van verlichting op enkele onverlichte viaducten is wenselijk. Het aanmoedigen van weggebruikkers om informatienummers te bellen, kost weinig tot niets.”

Flinterman voegt toe: “De maatregelen lossen niet het hele probleem op. Integendeel. Als mensen iets op de weg willen gooien, dan zal dat in vele gevallen lukken. Mensen moeten daarom worden aangezet na te denken over de consequenties van hun daden. Het kabinet heeft afgesproken dat verschillende ministeries onderzoeken of het mogelijk is aan dit aspect invulling te geven in een actieplan tegen geweld.”

door Jessica de Jong

Copyright © 2017 Jessica de Jong | Alle rechten voorbehouden | Webdesign